Rijkzalig
Welgestelden beleven het leven van een armoedzaaier als ellendig.
Dat gevoel van ellendigheid door slechts dat beeld spoort echter
voor geen meter met het gevoel van die feitelijke armoedzaaier.
Armoede is net zo min te bestrijden als rijkdom. Het zijn omstandigheden die evenals schaarste en overvloed borg staan voor de dynamiek in het tijdruimtelijke domein van het menselijke dan wel biologische leven.
De vraag waar het in essentie echt om draait, voorzover het mijn en jouw eigen menselijke waardigheid betreft, is deze: Hoe arm of rijk ben ik (jij) in geven? Of sluimert er bij mij (jou) nog ergens een gedachte om die vraag als een schuldvraag voor te leggen aan de echte rijken?
Ware armoede is geen omstandigheid die dit soort luxe-vragen oproepen.
Het kan zo maar zijn dat een echte armoedzaaier desnoods zijn laatste stuiver geeft
aan hem die er slechter voor staat.
Is hij dan nog wel armzalig? Zo niet, rijkzalig dan?